Tue, 30th March, 2010 - Posted by - (0) Comment
Heb jij de GRATIS reisgids< voor Suriname al? Je vindt hem hier!
Een paar maanden geleden kreeg ik een email van iemand die fietsend met zijn partner door Suriname wilde trekken. Nu zijn er natuurlijk wel meer mensen die het leuk vinden om fietstochtjes in de omgeving van Paramaribo te maken.
Dat was op zich niet zo bijzonder… Maar op de fiets richting het binnenland of helemaal naar Nickerie(240 km)?…. Dat veranderde de zaak!
Nu, alweer een tijd later, mailde hij me weer. Zij, Leo Bonje en zijn partner Corry, waren net terug uit Suriname en hadden ongelofelijk genoten van hun twee weken durende, actieve fietsvakantie.
En geloof me of niet, zijn partner en hij (beiden de 60 al gepasseerd) hebben in totaal rond de 800 kilometer fietsend door Suriname erop zitten. Petje af, zou ik zo zeggen. Daar heb ik groot respect voor!
Op de fiets door Suriname
De eerste dag reden we een eigen fietstour in Paramaribo. In het centrum was het chaotisch maar daarbuiten (in een straal van 7 km) was het goed fietsen!
Naar Nickerie op de fiets
Onze eerste etappe begonnen we op een zondagmorgen vanuit Paramaribo via de Kwattaweg richting Groningen. Er is op zondag minder verkeer en daarom prettig fietsen. Andere dagen is de route via Uitkijk waarschijnlijk een betere keuze.
De terugweg hebben we met een taxibusje gedaan, omdat we geen nieuwe indrukken verwachtten als we wel terug zouden fietsen. Dat was helemaal geen probleem. De busjes wachten totdat ze bijna vol zijn en voor de ruimte, die de fietsen in beslag nemen( 4 zitplaatsen op de achterste rij), moesten we natuurlijk wel betalen.
Na overnachtingen in de plaatsjes Groningen, Totness en Wageningen zijn we naar Nieuw Nickerie doorgefietst en hebben daar het stadje en omgeving bekeken door met onze fietsen een fietstochtje te maken naar de Back Track oversteek. In Nickerie hebben we ook overnacht.
Commewijne op de fiets
Toen we terug waren in Paramaribo, zijn we direct de Surinamerivier overgevaren en fietsten we naar Tamanredjo, waar 6 kilometer buiten het dorp een hotel is. We besloten hier een extra nacht te blijven. Uitgeslapen en na een prima ontbijt vervolgden we onze rit met een rondje van 75 kilometer door Commewijne. We kwamen langs de plantages Peperpot en Marienburg en deden Alkmaar aan.
Ons oorspronkelijke plan om naar Albina te fietsen, hebben we verlaten en in plaats daarvan zijn we de volgende dag weer naar Paramaribo terug gefietst en direct doorgegaan naar White Beach, dat is naar het zuiden aan de Surinamerivier.
Over de Afobakaweg naar het Stuwmeer
Voor ons geluk, is de Afobakaweg, die richting het zuiden loopt, sinds november 2009 geheel geasfalteerd! Zo konden we dus na White Beach via Paranam naar het resort Bergendal fietsen.
Onze volgende etappe was over de Afobakaweg richting het resort Overbridge.
De volgende dag, na ongeveer 30 kilometer op de pedalen, kwamen we in het boslandcreoolse dorp Brokopondo aan. Hier konden we overnachten in de staatslogeerinrichting. We hadden nog voldoende tijd over om diezelfde dagzonder bagage naar Afobaka te fietsen om daar de stuwdam en het van Blommensteinmeer te bekijken. Daarna moesten we natuurlijk wel weer terug naar Brokopondo. Een bijzondere ervaring was het wel, het overnachten in de staatslogeerinrichting.
Einde in zicht
Er resteerden daarna niet veel dagen meer en we kozen ervoor om naar Lelydorp te fietsen via Onverwacht, waar het oude treintje staat.
Onze laatste fietsdag brak aan en via Onverwacht en het plaatsje Domburg (een kleine omweg dus! maar wel heerlijk rustig) kwamen we voor de laatste keer terug bij ons startpunt Paramaribo.
Nog even een paar vragen aan dit dappere stel!
Zo nieuwsgierig als ik ben, kon ik het toch niet laten nog een paar vragen te stellen:
Hoe kwamen jullie op het idee om te gaan fietsen door Suriname?
“Wij doen al jaren een paar fietsvakanties per jaar door Europa, maar in de winter gaan we altijd wat verder naar het zuiden vanwege de temperatuur. Rond de Middellandse zee is het goed fietsen in de winter maar daar konden we geen nieuwe bestemmingen meer vinden. Suriname hebben we gekozen omdat mijn partner veel interesse voor dit land heeft. Verder zijn de condities voor ons goed: het weer is voortreffelijk in februari en maart, de geasfalteerde wegen zijn redelijk vlak.”
Was het niet véééél te heet om te fietsen?
“Dat viel reuze mee. In de periode dat wij fietsten; eind februari en begin maart, was er over het algemeen veel bewolking en is het fietsen goed te doen. Meestal waren we om 13:00 uur weer in een plaats waar we konden overnachten. “
Hadden jullie wel een veilig gevoel over de wegen? Suriname heeft een heel hoog aantal dodelijke ongevallen op de weg.
“Buiten groot Paramaribo waren de wegen heel rustig en goed te fietsen. Voor fietsers en(vracht)auto’s is er dan voldoende ruimte om te passeren. Veel onveiligheid heb ik niet ervaren en dat komt mede door onze ervaring met het fietsen en er zijn landen waar het veel traumatischer is!
Het links rijden, voorrang verlenen en de verkeerde kant opkijken als je wilt oversteken zijn de eerste dagen een risico maar als dat in alle rust gebeurt gaat het prima.”
Welk deel van jullie route vonden jullie het mooist, leukst of spannendst?
“Het leukste stuk vond ik de weg naar Nieuw Nickerie. Vanuit Paramaribo de stad uit fietsen en dan de overgang naar het landelijk gebied. In vier dagen zie je de verschillende Surinaamse culturen en landschappen. (Saramacca, Coronie en Nickerie).
De weg van Paramaribo naar Tamanredjo was de slechtste weg, dat is dan wat irritant, maar goed te doen. Echter daarna wordt naar mijn informatie de weg nog veel slechter.
Hoeveel kilometer fietsten jullie per dag, 800 kilometer is niet niks!?
Als we een lange etappe voor de boeg hadden stonden we al om 6 uur op en zaten we stipt om 7 uur op de fiets, dan is het ook licht. (Groningen naar Totness was 105 km) Met een gemiddelde van 15 km per uur waren we om 14:00 uur weer op de eind bestemming.
De meeste dagafstanden lagen tussen 50 en 70 km.
Hadden jullie speciale fietsen gehuurd voor de trip?
Nee hoor! We hadden onze eigen fietsen meegenomen! Er zijn geen speciale fietsen nodig voor de trip die wij hebben gedaan. Het gebied is vrij vlak alleen bij Brokopondo in de omgeving was er een korte stijging van 1 kilometer van rond de 6 %.
Dank jullie wel, Leo en Corry voor jullie leuke verhaal.
Op het idee gebracht door het avontuur van Leo en Corry? Wil je fietsend door Suriname? Fiets-Fun regelt fietsvakanties door Suriname. In Suriname zelf kun je fietsen huren bij Fietsen in Suriname.
Thu, 7th January, 2010 - Posted by - (3) Comment
Heerlijk voel ik me altijd als ik in het bos wakker wordt. De speciale buitenlucht die je daar inademt is apart. Bibberend onder de ijskoude douche, was ik meteen wakker en paraat voor een grandioos ontbijt waar zelfs pancakes niet aan ontbraken.
Ik denk dat ik er ook bij moet vermelden dat de koks hier op Awarradam eiland zelf de broodjes bakken. Niets brood uit de stad, nee gewoon vers!
Met een kopje koffie in de hand, gaf gids (R)Bob toelichting over ons dagprogramma.
Vandaag stond eerst de boswandeling op onze planning en dat betekende: lange broek aan met sokken en dichte schoenen. We wilden toch zeker niet belaagd worden door mieren die nieuwsgierig omhoog zouden klauteren en hun smaakpapillen eens zouden testen op die verse, witte benen!
Ik zag er naar uit. Ik ben altijd dol op dieren geweest en vroeg me net af welke we tegen zouden komen onderweg toen (R)Bob me de Tarantula showde die vlakbij in een bananenplant lag te slapen.
Maar maak je geen zorgen stelde Bob ons gerust, alleen in de film van James bond zijn ze gevaarlijk.
Daarna volgden de Okopipi; (pijlpuntgifkikker) en een familie felblauwe Morpho vlinders.
Op de rug van de Morpho vlinder staan, zo lijkt het, twee uilenogen zodat hij op daarmee zijn vijanden af kan schrikken.
Na een wandeling van ongeveer anderhalf uur, zouden we lekker gaan picknicken bij de sula (stroomversnelling) genaamd Peti, wat letterlijk put betekent.
Peti zag er prachtig uit. Het deed mij denken aan een soort hoefijzervorm. Ik stelde me voor hoe hier jaren lang Indianen woonden en er verder niets zal zijn geweest in deze omgeving. Alleen natuur, wilde dieren en deze mensen.
Ik zag het duidelijk voor me: De Indianen die de gevluchte slaven leerden om te overleven in deze rimboe en hoe de twee volken gebroederlijk naast elkaar leefden.
In de rotsen waren slijpsporen van de Indianen te zien.
Op de rotsen bij het water zaten een paar blauwkopreigers geconcentreerd te vissen. Hier is de jungle op z’n best!
Gelukkig voor hen dat het hier geen sportviswedstrijd betrof! Aan de gigantische Anyumara’s ( grootste roofvis van Suriname) te zien die uit de netten van de lokale vissers kwamen die avond, zouden de reigers roemloos verloren hebben.
We genoten van de sula’s en vooral van “de natuurlijke douche”; een gat in de rotsen waar je helemaal in kan kruipen, zodat je helemaal overspoeld wordt met water. Geloof me dat het water echt hard stroomt hier, je voelt de kracht op je lichaam! (Ik was bijna mijn bikini kwijt… ja, ja hilarisch…)
Heri heri
Onze lunch werd aan de oever geserveerd. Heri heri deze keer, wat letterlijk heel – heel betekent. Bob vertelde dat dit gerecht zo heet omdat vroeger de aardvruchten (waar het gerecht uit bestaat, samen met de zoute vis) helemaal heel werden opgediend. Zelfs het gezuiverde rivierwater smaakte me goed.
Na de lunch vertrok een groep richting een nabijgelegen dorpje, waar slechts 3 families wonen. De families waren op dat moment niet aanwezig in hun dorp en het lag er een beetje verlaten bij.
Er was een baby’tje geboren en de toestand van het kindje was helaas niet om over naar huis te schrijven, zodat de bevolking vertrokken was naar Kayana, waar de dichtstbijzijnde poli is.
We konden daardoor wel een paar foto´s maken, wat in feite niet vaak wordt toegestaan door de binnenlandbewoners. Je moet dan ook echt toestemming krijgen voor het maken van een foto.
Eigenlijk wel logisch, ik zou ook niet door vreemden in mijn onderbroek bij de badkamerdeur gefotografeerd willen worden. En de rivier is voor de meeste bewoners hun badkamer.
‘s Avonds keken een paar van de gasten naar een nieuwe slideshow over het de volgende dag te bezoeken kostgrondje. Samen met Es zat ik met een wijntje achter de laptop om alle mooie panorama’s te bekijken die we voor onze kalender op deze schitterende locatie geschoten hadden.
Thu, 7th January, 2010 - Posted by - (3) Comment
Om half 8 stond het ontbijt al klaar. Deze keer werden we getrakteerd op heerlijke kaneelbroodjes met rozijnen erin verwerkt. Vers van de bakplaat uit de “bakkerij” van Awarradam eiland.
Ik dronk mijn koffie op en besloot een geluidsopname op mijn telefoon te maken van de sula vlakbij het ressort. Op de achtergrond hoorde ik een exotische vogel.
Een uurtje later sprongen we alweer in de boot op weg naar een kostgrondje en drie andere marrondorpen. Na een half uurtje varen, klommen we een pad omhoog door de bush bush. Aan het eind van het pad was een offerplaatsje te zien.
Offerplaats
Het Marronvolk offert op sommige gelegenheden speciaal klaargemaakte etenswaren aan de geesten van enkele voorouders. Op die manier vertrouwen ze erop ze dat hun oogsten goed zullen zijn en de enkele boze geesten zich genoeg zullen doen aan de offers in plaats van de geplante gewassen.
Het kostgrondje
Iets verder zagen we een open gekapt stuk land liggen met afgebrande bomen. De mannen kappen de bomen om en steken ze in brand. De verbrande bomen worden door de natuur omgezet in compost en stikstof voor de grond, zodat de vrouwen daarna kunnen beginnen met het planten van allerlei gewassen. Gewassen als cassave, maïs en bladgroenten.
Op het kostgrondje was een dame in haar eentje aan het werk met een botte bijl.
Ze hakte in op de boomstammen en maakte er brandhout van.
Met ontzag keek ik naar haar kracht toen ze daarna de ongeveer 60 kilo wegende stapel hout op haar hoofd zette en op haar blote voeten wegdroeg over het pad.
De lokale vrouwen zijn hier ontzettend sterk.
Hoe zou ik hier ooit overleven in het bos? Ik, die al bang is voor een vlinder?
De leerpraktijk van Meneer Dinge
Meneer Dinge stond ons al op te wachten bij een lokatie genaamd; Moitori ( letterlijk: mooi verhaal).
Hij liet ons binnen in de leerruimte waar de kinderen uit de omliggende dorpen kunnen leren naaien, brood bakken, stikken, houtsnijden en betonblokken gieten.
Een geweldig alternatief waar zelfs een huisje neergezet is voor vrijwilligers uit Nederland.
Sommige van ons kochten wat houtsnijwerk als souvenir voor we onze wandeling vervolgden richting het volgende dorp.
De sfeer in een marrondorp is heel bijzonder. Overal waren de kleine houten huisjes te zien. Er waren geen echte straten, alles liep voor mijn gevoel door elkaar. De deurtjes waren zo laag, dat de gemiddelde Nederlander zijn hoofd met zekerheid zou stoten.
Waarom?
Geesten kunnen niet bukken en dus ook niet naar binnen door zo een laag deurtje!
Blote of halfgeklede kinderen zaten samen met hun moeders, tantes en oma’s cassave te raspen of probeerden de manja’s ( mango) te vangen die uit een hoge boom vielen, toen er plotseling een stevige wind opstak.
Zo’n wind (die vaak met regen gepaard gaat ) noemt men een “Sibi Busi” ;de wind die het bos schoon veegt.
Dit was hun dagelijks leven. De orde van de dag.
Diner op Kayana
Toen we na de dorpswandelingen tegen de avond aankwamen bij het dorp Kayana, werden we door Bob en lokale gids Ronaldo naar het plaatselijke café c.q. restaurant gebracht, waar we ons laatste avondmaal zouden nuttigen.
Naast het restaurant zat een klein jongetje van ongeveer 1 jaar in een grote, zwarte emmer te spelen. Hij verstopte zich en kwam dan net weer boven de rand uit. Ik speelde kiekeboe met hem en hij lachte. Dat was toch overal hetzelfde!
Wat een aandoenlijk mannetje was dat!
Onze laatste verrassing
Na het eten stond ons een laatste verrassing te wachten. Een culturele dans voorstelling. We vertrokken in het pikkedonker met de korjaal richting een iets verderop gelegen dorp, waar vrijwel alle vrouwen, jong en oud, drie verschillende culturele dansen voor ons opvoerden.
Bob gaf uitleg over de achtergrond van de dansen en we keken onze ogen uit. Grappig was dat we ook mee mochten doen en ze ons ook de dansvloer optrokken om de feeststemming er echt in te krijgen.
De dans op houten stokken was voor mij het toppunt. Een man nam met zijn blote voeten plaats op twee stokken, die door twee andere mannen heel snel op het ritme van het zingen van de vrouwen heen en weer werd bewogen. Eigenlijk was het een soort spel.
Enige spelregel: hoe snel kun je de danser van de bewegende stokken afkrijgen?
Ik had er zeker bewondering voor toen Peter, een jongen van onze groep het even probeerde en het goed volhield!
Luister naar de geluidsopnamen van de culturele dansen met zang, door op play te klikken:
Audio clip: Adobe Flash Player (version 9 or above) is required to play this audio clip. Download the latest version here. You also need to have JavaScript enabled in your browser.
Audio clip: Adobe Flash Player (version 9 or above) is required to play this audio clip. Download the latest version here. You also need to have JavaScript enabled in your browser.
Audio clip: Adobe Flash Player (version 9 or above) is required to play this audio clip. Download the latest version here. You also need to have JavaScript enabled in your browser.
Download de audio files naar uw eigen computer:
Klik op deze link om audio file: Culturele Zang 1 te downloaden
Klik op deze link om audio file: Culturele Zang 2 te downloaden
Klik op deze link om audio file: Culturele Zang 3 te downloaden
Terugtocht naar Awarradam
Aan alles komt een eind. Zo ook aan deze bijzondere avond. We hadden nog een half uur in de boot voor de boeg in het aardedonker over de rivier naar Awarradam eiland.
De oevers leken net grote zwarte schimmen en de rivier een zwarte glijbaan. Alleen de duizenden, schitterende sterren aan de hemel en de hoofdlamp van de bootsman die af en toe oplichtte, begeleidden ons.
Het zachte geronk van de motor vulde de duisternis. De ene na de andere vallende ster lokte geroep uit van mijn medepassagiers. Vijf wensen deed ik. Zouden ze uitkomen? Vast wel!
Kaaiman
Onderweg zag ik eindelijk de kaaiman waar ik al die tijd naar op zoek was! Hij lag lekker languit op een zandbank te wachten op zijn prooi. ’s Avonds komen de dieren drinken aan de rivieroevers en dan grijpen de Anaconda’s en kaaimannen hun kans.
Heel even was hij daar, toen schoot hij weg, zo schuw als ze zijn.
Op Awarradam rolde ik comfortabel mijn bed in.
Thu, 7th January, 2010 - Posted by - (7) Comment
Ons laatste ontbijtje in de jungle. Na het inpakken van de spullen werd het tijd voor het afscheid met het personeel van Awarradam. In die paar dagen kom je ondanks de grote cultuurverschillen dichter bij elkaar, zo vriendelijk als ze zijn.
In het vliegtuig genoot ik nog even na van het prachtige uitzicht over één van de meest uitgestrekte oerwouden op aarde en daar gingen we weer op weg naar de voor ons zo bekende wereld van Paramaribo stad.
Hartelijk dank Mets Travel en Tours en lokaal personeel van resort Awarradam! Ik heb genoten!
Reserveren? www.surinamevacations.com
Video impressie van mijn reis naar Awarradam
Wilt u de 360 graden panorama’s bekijken van het Awarradam resort?
(klik op de bovenstaande tekst om de panorama’s te zien)
Thu, 7th January, 2010 - Posted by - (10) Comment
Wie? Mets Travel & Tours N.V
Wat? 4 daagse tour naar Awarradam
Kosten? 535 euro p.p
Boeken? www.surinamevacations.com
Awarradam komt van de naam Awara Dan. De awara is een oranje gekleurde palmvrucht en dan komt van het woord dam.
Awarradam is een idyllisch eilandje met houten lodges erop in de Gran Rio rivier dicht bij een natuurlijke dam.
Het eilandje ligt in het district Sipaliwini, op een afstand van 55 minuten vliegen van Paramaribo.
Het gebied rondom Awarradam wordt bewoond door Saramaccaanse boslandcreolen; afstammelingen van slaven die tijdens de koloniale tijd de plantages ontvluchtten en in het binnenland hele dorpen stichtten.
Oorspronkelijk komen ze uit Afrika en veel van de oude Afrikaanse cultuur is nog terug te vinden in hun eigen unieke cultuur en dagelijkse gebruiken.
Om 10.15 uur rende ik met mijn bagage het luchthaventje Zorg en Hoop binnen. (Ik moet eerlijk bekennen dat de Surinaamse tijd ook mij nogal eens parten speelt!)
Op Zorg en Hoop is het iedere dag een drukte van jewelste. Cesna’s en twin otters vliegen richting diverse bestemmingen in het Surinaamse binnenland. Braziliaanse goudzoekers, boslandcreolen en inheemsen gaan naar huis of het werk en toeristen op weg naar een voor hun geheel nieuwe wereld.
Samen met mijn medereizigers keek ik naar de veiligheidsfilm. Een paar lichte angstkriebels kon ik niet onderdrukken. Zo een klein vliegtuigje, boven dat immense oerwoud!
Terwijl we liepen naar “ons” vliegtuigje begon het zachtjes te regenen. Snel werd onze bagage in het ruim gezet en ik nam plaats op één van de stoeltjes, naast Rob of Bob; onze gids voor de trip. (het zoontje van Rob kon de R niet uitspreken en sindsdien heet hij dus Bob!)
Ik schoof de veiligheidsbelt over mijn buik en daar gingen we…
Langzaam verdween Zorg en Hoop uit het zicht en ik zag onder me de Bosje brug liggen. Het water van de Suriname rivier deed me denken aan chocolademelk.
Opeens dook er een prachtig blauw meer op. Dat moest Blauwmeer zijn, het enige echte diepblauwe water in Suriname.
Het viel me op dat het binnenland van Suriname écht lijkt op een wijd uitgestrekte broccoliveld, zoals je mensen zo vaak hoort zeggen. Hier en daar zijn er enkele open plekken te zien in het woud; plekken waar zich kostgrondjes bevinden of waar goud wordt gewonnen.
Ik vond de vliegreis op zich al een hele beleving!
Na 55 minuten kwam de airstrip in zicht. Het vliegveld van Kayana is net een groot voetbalveld met aan de overkant van de rivier, het dorp Kayana. Langs de grens van het oerwoud en de landingsbaan waren creoolse vrouwen pinda’s aan het oogsten.
We landden soepel op de grond en het was verrassend te zien, dat na kilometers broccoli en leegte, er opeens weer een totaal nieuwe, bewoonde wereld opdook.
Alles is er. Toilet, winkeltje, vervoer en natuurlijk de lokale bevolking.
Alleen… wij waren er nog niet!
We hadden nog een boottocht van 30 minuten met de korjaal voor de boeg!
Natuurlijk moest een groot deel van wat op het menu stond voor de komende 3 dagen, ook mee de boot in. We maakten een lange rij zodat we gezamenlijk alle ingevlogen proviand de boot in droegen. Efficiënt!
Zie zo, zwemvesten aan en varen maar. Wat een prachtig uitzicht vanuit de boot! De groene bomen, in alle maten en soorten, die langs de oevers omhoog schoten en de grote rotsformaties waren werkelijk adembenemend.
Niet lang daarna kwamen we een “apenspeeltuin” tegen. Kleine doodskopaapjes (monki- monki) zwierden van tak tot tak en leken zich echt te vermaken met ons als toeschouwers. Ze renden over de bananenbladeren en sprongen achter elkaar aan.
Ik tuurde de oevers af in de hoop kaaimannen te zien en wie weet anaconda’s! Die waren vermoedelijk op dat moment net in diepe rust, want ze lieten zich even niet zien.
Nadat we het laatste dorpje waren gepasseerd, duurde het niet lang voor onze thuisbestemming zichtbaar werd. Het eilandje Awarradam, waar we op zouden overnachten, dook midden in de rivier op.
Het lokale personeel van Awarradam stond ons al op te wachten. “Udou” en “U weki no ” klonk het van alle kanten. (het Saramacaans voor welkom en goedemorgen)
Aangemeerd bij het eiland, klommen we ijverig de trap op om gids Bob te volgen. In de lounge van het resort kregen we een welkomsdrankje, een stukje lokaal gebakken cake en uitleg over de faciliteiten op het eiland en de indeling; wie waar zou slapen.
De houten lodges zijn mooi. Het zijn naar binnenlands ontwerp gemaakte huisjes, waarvan de deurtjes bekroond zijn met Surinaamse namen. Wij sliepen in“Dumi Bunu“, wat ook wel “slaap zacht” betekent.
Ongewenste gast
Nadat we onze spullen in het huisje geplaatst hadden en hadden genoten van het uitzicht van ons balkonnetje, betrapten we een ongewenste gast.
Een supergrote sprinkhaan compleet met camouflagepak. Hij zat gebivakkeerd voor het toilet en omdat we dat zo ongemanierd vonden, bonjourden we hem snel naar buiten. Volgende keer beter, vriendje!
Heerlijk eten
Het valt me altijd op dat ik in het binnenland veel meer trek heb en ook veel smakelijker eet. Misschien omdat er meer rust om je heen is?
In ieder geval kregen we die eerste dag meteen een overheerlijke maaltijd voorgeschoteld.
De witte rijst, kip en boulanger ( aubergine in het Nederlands) gaf me de nieuwe energie, die ik nodig had om de omgeving rond het eiland te exploren. Vlak achter het eiland liggen namelijk de rotsen die de dam vormen van Awarradam.
In mijn bikini stapte ik dapper over de rotsen en Ronaldo, onze lokale gids bracht ons naar een sula ( stroomversnelling) waar we van een natuurlijke massage konden genieten. Neeee… niet door Ronaldo!! Van de sula, natuurlijk…
Es en ik hadden al snel een hoop mooie plekken gevonden voor onze fotoshoot.
Dat zouden een paar prachtige shots opleveren voor onze Panorama kalender, waar me mee bezig zijn.
De bar, noodsuper en bibliotheek
Wat was ik trouwens gelukkig toen ik zag dat er een “noodsuper” was. Natuurlijk was ik mijn tandenborstel thuis vergeten en de langwerpige kast met “noodproducten” kwam dus als een geschenk uit de hemel!
De lekkere fles wijn die ik in de bar kocht was ook een welkome verrassing.
Onder het genot van het wijntje en een Grietbana supu, werden we die avond verrast door een slideshow met uitleg over de flora en fauna van het boven-Gran Rio gebied.
Ondanks dat het leuk was te zien welke dieren we mogelijk tegen zouden kunnen komen, startte er een zacht concert van gesnurk. En dat waren geen boskikkers dit keer!
Het binnenland eiste haar tol van een paar van ons.
![]() | ![]() | ![]() | ![]() | ![]() |